Ik beschouw deze blog niet als een medium om lezers deelgenoot te maken van mijn privéleven, maar, hopelijk als afsluiting van een moeilijke periode waarin de frequentie erg laag was, in dit geval voelt het niet misplaatst om een uitzondering te maken.
Sinds twee weken, met het overlijden van mijn moeder, ben ik wees.
Dat betekent dat ik nu iets mis, erg mis, maar wel iets waar ik best lang van heb mogen genieten.
Het betekent tegelijkertijd dat je nu iets met je mee draagt, de erfelijke en geestelijke nalatenschap van je ouders, die er niet meer zijn.
Dat besef zal pas langzaam tot me doordringen.
Ik ben geen uitzondering, zeker niet op mijn leeftijd.
Maar er zijn twee passies, passies die samenkomen in deze teksten en die ik rechtstreeks met mijn ouders kan verbinden: de liefde voor taal en het geschreven woord van mijn vader en de liefde voor klinkende muziek van mijn moeder.
En dan merk ik de laatste weken heel sterk hoe intuïtief eigenlijk deze stukjes tot stand komen en hoe afhankelijk je dan bent van de stemming waarin je verkeert.
Natuurlijk was het ook een kwestie van tijdgebrek waardoor er niets meer op het beeldscherm kwam.
Vanaf het moment dat de boodschap kwam dat mijn moeder ernstig ziek was heb ik veel tijd met haar door kunnen brengen, de teleurstelling na elk ziekenhuisbezoek kunnen delen, maar ook de vreugde van de aanwezigheid van familie en vele vrienden, waarvan ze nog in het volle besef afscheid van heeft kunnen nemen.
Met zo'n prominente plek voor muziek in haar leven, vanaf de jongste jaren in het vooroorlogse Indië, was het vanzelfsprekend dat er ook veel muziek zou klinken bij haar afscheidsdienst.
En dan ben ik blij dat ik mijn aandeel op mijn cello kan leveren en geen tekst hoef uit te spreken.
Een indische liedje met mijn dochters, voor hun trotse oma, en een Sarabande van Bach.
In G majeur, want ik herinner me haar als opgewekt en levenslustig.
En deze muziek had ik een week eerder nog voor haar gespeeld.
Onder de klanken van Fauré's In Paradisum droegen we de kist de kerk uit.
Muziek als troost, muziek als taal om met elkaar te communiceren, muziek als passie om me in te verliezen.
En ik hoop er de komende tijd weer regelmatig over te kunnen schrijven.
woensdag 29 maart 2017
zaterdag 18 februari 2017
Brochure
Niet alleen in Hamburg kunnen ze tijdens de concerten de hele zaal gebruiken, wij kunnen dat ook in de Doelen. En ik ben er erg voor dat vaker te doen.
Komende zondagochtend klinkt daar Händels Watermusic, en Jan Willem de Vriend heeft van alles bedacht om de sfeer van de oorspronkelijke uitvoering op te roepen. Toen klonk voor de Engelse koning vanuit verschillende bootjes op het water deze fantasierijke muziek.
Fantasie kan ook De Vriend niet ontzegd worden.
Iedereen zal de muziek wel kennen, music for the millions, maar ik speel het stuk voor het eerst.
Dat gebeurt niet vaak meer bij zulke bekende stukken, maar gebeurde me toevallig eerder deze week ook al.
The person's guide to the orchestra, Benjamin Britten, het klassieke stuk voor jeugdconcerten, om te laten horen welke instrumenten er allemaal in zo'n groot orkest meespelen.
En ook dat speel ik voor het eerst.
Toevallig vrij geweest de vorige keren?
Dat kan, zeker met een deeltijdbaan, maar dan zal het toch ook niet heel vaak geprogrammeerd zijn.
En nu, als onderdeel van een groter geheel, Het Griezelorkest, ontbreken helaas nog een paar variaties, dus het moet voor mij nog een keer op de lessenaars, voordat ik met pensioen ga.
En misschien is het dan ook wel weer eens goed om naar de 'gouwe ouwe' van de educatieve concerten terug te keren.
En toen lag de nieuwe seizoensbrochure in ons postvakje.
Een mooie gele kleur dit keer, met wat oranje er doorheen.
En een nieuw logo op de voorkant, in de rechterbovenhoek: Jubileumjaar 2018: 100.
Dat wordt feest!
Het jubileumjaar 2018 valt in twee seizoenen, maar het Jubileumconcert is nog voor de zomer, op 10 juni. Een bijzonder programma met een grote operaster, Joyce DiDonato.
Daarnaast natuurlijk ook weer veel muziek die ik eerder gespeeld heb, symfonieën die mensen graag willen horen, repertoire dat zich bewezen heeft.
Het is een van de vele stukken waar ik me al enorm op kan verheugen.
De Muziek voor strijkers, slagwerk en celesta van Bartok hoort daarbij, maar ook een voor mij onbekend celloconcert van Connesson, De concerten met de toekomstige chef Lahav Shani zijn spannend, maar ook de komst van David Zinman, waar ik nooit eerder mee speelde.
En natuurlijk verheug ik me enorm op het kamermuziekconcert dat ik zelf heb mogen samenstellen, maar daarover later. Er valt veel over te vertellen.
Zo is het verschijnen van de nieuwe brochure voor ons altijd weer een mooi moment in het seizoen.
Het moment dat je je kunt beginnen te verheugen op hoogtepunten die er aan zitten te komen, op mooie concerten waar je aan deel mag nemen, op het terugzien van dirigenten en solisten waar je goede herinneringen aan hebt.
En op repertoire dat je voor het eerst speelt.
En dan blijkt Georg Friedrich Händel met zijn Watermusic niet alleen deze week bij te dragen aan een mooie zondagochtend maar aan het eind van het volgend seizoen ook aan een bijzondere opening van het Jubileumconcert.En ik moet me sterk vergissen als we daarbij ook niet buiten de grenzen van ons Doelenpodium gaan treden.
Maar misschien spreek ik hiermee wel voor mijn beurt, want ik kan ons nieuwe seizoen nog nergens op internet vinden. En dus ook niet een afbeelding laten zien.
Waarschijnlijk wachten vele deurmatten in Rotterdam en de verre omgeving nog op een mooie verrassing.
Komende zondagochtend klinkt daar Händels Watermusic, en Jan Willem de Vriend heeft van alles bedacht om de sfeer van de oorspronkelijke uitvoering op te roepen. Toen klonk voor de Engelse koning vanuit verschillende bootjes op het water deze fantasierijke muziek.
Fantasie kan ook De Vriend niet ontzegd worden.
Iedereen zal de muziek wel kennen, music for the millions, maar ik speel het stuk voor het eerst.
Dat gebeurt niet vaak meer bij zulke bekende stukken, maar gebeurde me toevallig eerder deze week ook al.
The person's guide to the orchestra, Benjamin Britten, het klassieke stuk voor jeugdconcerten, om te laten horen welke instrumenten er allemaal in zo'n groot orkest meespelen.
En ook dat speel ik voor het eerst.
Toevallig vrij geweest de vorige keren?
Dat kan, zeker met een deeltijdbaan, maar dan zal het toch ook niet heel vaak geprogrammeerd zijn.
En nu, als onderdeel van een groter geheel, Het Griezelorkest, ontbreken helaas nog een paar variaties, dus het moet voor mij nog een keer op de lessenaars, voordat ik met pensioen ga.
En misschien is het dan ook wel weer eens goed om naar de 'gouwe ouwe' van de educatieve concerten terug te keren.
En toen lag de nieuwe seizoensbrochure in ons postvakje.
Een mooie gele kleur dit keer, met wat oranje er doorheen.
En een nieuw logo op de voorkant, in de rechterbovenhoek: Jubileumjaar 2018: 100.
Dat wordt feest!
Het jubileumjaar 2018 valt in twee seizoenen, maar het Jubileumconcert is nog voor de zomer, op 10 juni. Een bijzonder programma met een grote operaster, Joyce DiDonato.
Daarnaast natuurlijk ook weer veel muziek die ik eerder gespeeld heb, symfonieën die mensen graag willen horen, repertoire dat zich bewezen heeft.
Een Achtste Mahler is zeker bijzonder, maar heb ik al met Conlon en met Gergiev gespeeld.
Zelfs Turangalila, het iconische orkestwerk van Messiaen, heb ik al eens mogen uitvoeren. Maar dat was voordat ik aan mijn orkestbaan begon, want het is zeker al 25 jaar niet meer bij ons gespeeld.Het is een van de vele stukken waar ik me al enorm op kan verheugen.
De Muziek voor strijkers, slagwerk en celesta van Bartok hoort daarbij, maar ook een voor mij onbekend celloconcert van Connesson, De concerten met de toekomstige chef Lahav Shani zijn spannend, maar ook de komst van David Zinman, waar ik nooit eerder mee speelde.
En natuurlijk verheug ik me enorm op het kamermuziekconcert dat ik zelf heb mogen samenstellen, maar daarover later. Er valt veel over te vertellen.
Zo is het verschijnen van de nieuwe brochure voor ons altijd weer een mooi moment in het seizoen.
Het moment dat je je kunt beginnen te verheugen op hoogtepunten die er aan zitten te komen, op mooie concerten waar je aan deel mag nemen, op het terugzien van dirigenten en solisten waar je goede herinneringen aan hebt.
En op repertoire dat je voor het eerst speelt.
En dan blijkt Georg Friedrich Händel met zijn Watermusic niet alleen deze week bij te dragen aan een mooie zondagochtend maar aan het eind van het volgend seizoen ook aan een bijzondere opening van het Jubileumconcert.En ik moet me sterk vergissen als we daarbij ook niet buiten de grenzen van ons Doelenpodium gaan treden.
Maar misschien spreek ik hiermee wel voor mijn beurt, want ik kan ons nieuwe seizoen nog nergens op internet vinden. En dus ook niet een afbeelding laten zien.
Waarschijnlijk wachten vele deurmatten in Rotterdam en de verre omgeving nog op een mooie verrassing.
zaterdag 28 januari 2017
Hamburg
Soms zijn er van die periodes dat er weinig tijd is of anderszins weinig ruimte om een bijdrage te schrijven op deze blog. Dan duurt het maar wat langer voor er weer iets nieuws te lezen is.
Dit is zo'n moment.
Maar ik kan ook niet de gelegenheid voorbij laten gaan om iets over een mooie nieuwe zaal te schrijven.
De Elbphilharmonie in Hamburg.
In de pers is het ruimschoots aan de orde geweest.
Maar daar ging het toch vooral over het geld wat besteed is: veel te veel. Daar waren allerlei redenen voor en ook dat kun je her en der nalezen.
En ondanks dat is de zaal er toch gekomen en is iedereen blij.
Het ziet er prachtig uit en ook de akoestiek moet heel bijzonder zijn.
Niemand minder dan Yasuhisa Toyota, de Japanse meester, de man achter successtories als de Suntory Hall in Tokyo, de Walt Disney Concert Hall in Los Angeles en de Philharmonie in Parijs, heeft hier zijn stempel op gedrukt.
Niet iedereen reageerde enthousiast, overigens.
Te analytisch, niet warm genoeg.
Het zal ook uitmaken waar je zit, wat je ideaal is, en welke muziek er gespeeld wordt.
En daar was ik misschien nog wel het meest verrast over: het programma dat dirigent Thomas Hengelbrock voor het openingsconcert bedacht had.
Het begon 's avonds met een enkele hobo in muziek van Britten, Pan uit de Metamorphosen.
En de muziek vanuit een hoek van de zaal ging naadloos over in werk van Dutilleux.
Met B.A.Zimmermann, Liebermann en een nieuw werk van Rihm was de hedendaagse muziek ruim vertegenwoordigd, maar ook de oude muziek van Praetorius en De Cavalieri, een coutertenor en harp vanaf een ander balkon, werd niet vergeten. Met de bondskanselier geboeid op de eerste rij en het orkest met de nieuwe naam, NDR Elbphilharmonie Orchester, midden in de zaal op een ruim podium.
Juist dat aspect van innovatief programmeren, niet bang zijn voor nieuwe of heel oude muziek, er een zinvol geheel van te maken, vond ik erg hoopvol.
En ik hoop dat het, door alle aandacht die het op zo'n moment genereert, tot nieuwe initiatieven leidt, ook bij andere orkesten.
En ik kan niet nalaten om te zeggen dat het me ook wel deed denken aan de manier waarop we bij Domestica Rotterdam onze serie in de Laurenskerk programmeren.
Het concert is nog bij de NDR terug te kijken.
We hebben het geluk dat we binnenkort met het orkest de zaal met eigen ogen kunnen zien en eigen oren kunnen horen, als we op 15 maart als eerste Nederlandse orkest daar onze opwachting mogen maken. En het zal vol zitten, want alles is de komende maanden daar uitverkocht.
Voor was het altijd al leuk om naar Hamburg te gaan.
Een stad met een grote muziekhistorie, waarvan helaas weinig meer terug te vinden is.
Mendelssohn is er geboren en Brahms, Telemann heeft er zijn halve leven gewoond.
En zelfs voor Mahler is het een belangrijke stad geweest, waar hij zijn carriere als operadirigent begon. Er zijn plannen voor een Gustav-Mahler Museum in het Komponisten Quartier.
En dat brengt me op Henry-Louis de la Grange, die gisteren overleed.
Weinigen hebben zoveel betekend voor het onderzoek naar de muziek en de persoon van Gustav Mahler als deze aimabele Fransman
We mogen hem allemaal dankbaar zijn.
Dit is zo'n moment.
Maar ik kan ook niet de gelegenheid voorbij laten gaan om iets over een mooie nieuwe zaal te schrijven.
De Elbphilharmonie in Hamburg.
In de pers is het ruimschoots aan de orde geweest.
Maar daar ging het toch vooral over het geld wat besteed is: veel te veel. Daar waren allerlei redenen voor en ook dat kun je her en der nalezen.
En ondanks dat is de zaal er toch gekomen en is iedereen blij.
Het ziet er prachtig uit en ook de akoestiek moet heel bijzonder zijn.
Niemand minder dan Yasuhisa Toyota, de Japanse meester, de man achter successtories als de Suntory Hall in Tokyo, de Walt Disney Concert Hall in Los Angeles en de Philharmonie in Parijs, heeft hier zijn stempel op gedrukt.
Niet iedereen reageerde enthousiast, overigens.
Te analytisch, niet warm genoeg.
Het zal ook uitmaken waar je zit, wat je ideaal is, en welke muziek er gespeeld wordt.
En daar was ik misschien nog wel het meest verrast over: het programma dat dirigent Thomas Hengelbrock voor het openingsconcert bedacht had.
Het begon 's avonds met een enkele hobo in muziek van Britten, Pan uit de Metamorphosen.
En de muziek vanuit een hoek van de zaal ging naadloos over in werk van Dutilleux.
Met B.A.Zimmermann, Liebermann en een nieuw werk van Rihm was de hedendaagse muziek ruim vertegenwoordigd, maar ook de oude muziek van Praetorius en De Cavalieri, een coutertenor en harp vanaf een ander balkon, werd niet vergeten. Met de bondskanselier geboeid op de eerste rij en het orkest met de nieuwe naam, NDR Elbphilharmonie Orchester, midden in de zaal op een ruim podium.
Juist dat aspect van innovatief programmeren, niet bang zijn voor nieuwe of heel oude muziek, er een zinvol geheel van te maken, vond ik erg hoopvol.
En ik hoop dat het, door alle aandacht die het op zo'n moment genereert, tot nieuwe initiatieven leidt, ook bij andere orkesten.
En ik kan niet nalaten om te zeggen dat het me ook wel deed denken aan de manier waarop we bij Domestica Rotterdam onze serie in de Laurenskerk programmeren.
Het concert is nog bij de NDR terug te kijken.
We hebben het geluk dat we binnenkort met het orkest de zaal met eigen ogen kunnen zien en eigen oren kunnen horen, als we op 15 maart als eerste Nederlandse orkest daar onze opwachting mogen maken. En het zal vol zitten, want alles is de komende maanden daar uitverkocht.
Voor was het altijd al leuk om naar Hamburg te gaan.
Een stad met een grote muziekhistorie, waarvan helaas weinig meer terug te vinden is.
Mendelssohn is er geboren en Brahms, Telemann heeft er zijn halve leven gewoond.
En zelfs voor Mahler is het een belangrijke stad geweest, waar hij zijn carriere als operadirigent begon. Er zijn plannen voor een Gustav-Mahler Museum in het Komponisten Quartier.
En dat brengt me op Henry-Louis de la Grange, die gisteren overleed.
Weinigen hebben zoveel betekend voor het onderzoek naar de muziek en de persoon van Gustav Mahler als deze aimabele Fransman
We mogen hem allemaal dankbaar zijn.
zondag 8 januari 2017
Amerika
Het gebeurt zelden dat de Verenigde Staten niet prominent in het nieuws aanwezig zijn, het nieuw beheersen, maar met de wisseling van president, en zeker deze overgang, is dat nog extra het geval.
Daar was ook al sprake van in de aanloop naar de verkiezingen, en bij Radio 4 hadden ze toen het originele idee om collega Randy Max aan het woord te laten over de muziek uit zijn geboorteland. In vier afleveringen vertelt hij met enthousiasme en kennis van zaken over een ondergewaardeerd deel van het repertoire. David Diamond, Walter Piston, William Schuman, allemaal componisten die zelden genoemd worden, laat staan op onze lessenaars komen.
Ik kan zijn verhalen van harte aanbevelen!
En komende week kan de liefhebber van Amerikaanse muziek in de Doelen zijn hart weer ophalen met Copland, volgens Randy degene die de Amerikaanse klank heeft ontwikkeld, en natuurlijk Bernstein.
Zijn Symphonic Dances behoren inmiddels tot het bekende repertoire. Terecht, maar ik verheug me vooral op de muziek uit Candide. De ouverture, die we wel eens spelen, smaakt zeker naar meer.en met Wayne Marshall wordt het zeker een feest. Hem hebben we de laatste jaren niet vaak gezien, maar ik herinner me nog goed de swingende uitvoeringen van Wonderful Town, een broadway-musical uit de 50-er jaren.
We zullen volgend jaar, in zijn honderste geboortejaar, zeker nog een heleboel van deze duizendpoot zien en horen. Als componist en als dirigent heeft Lenny een belangrijke rol gespeeld in het slechten van de grenzen tussen lichte en serieuze muziek. En als leraar heeft hij de klassieke muziek voor velen benaderbaar en begrijpelijk gemaakt.
In die rol wordt hij node gemist, maar heeft hij ons gelukkig ook nog veel te vertellen.
Wereldberoemd waren zijn Young People's Concerts met zijn New York Philharmonic.
Iedereen die tegenwoordig zich begeeft op het gebied van educatieve concerten zal daarmee vergeleken worden. En gelukkig zijn er nog tientallen afleveringen te zien op youtube.
Hoewel ze zeker een verouderde indruk maken, hoe kan het ook anders, is het de moeite waard om daar nog eens naar te kijken.
Zoals de opname van 1 februari 1958 over Amerikaanse muziek:
It's the accent that makes it different.
En: American music is wildly optimistic.
Wat wil je nog meer voor een nieuwjaarsconcert?
In de laatste tien minuten (het vierde fragment) zie je Aaron Copland zelfs nog als dirigent van zijn eigen symfonie.
Maar Bernstein heeft niet alleen met deze concerttoelichtingen de Amerikaanse jeugd bereikt.
In 1973 hield hij voor de studenten van het prestigieuze Harvard een reeks lezingen onder de titel The Unanswered Question. Het beluisteren hiervan, ook nog te vinden op internet, vergt iets meer van de aandacht van de luisteraar. Voor lezers - het is ook in boekvorm - met minder geduld is er nog een verzameling kortere essays uitgegeven, Findings.
Hierin komt ook Gershwin aan bod. Een verhaal over muzikale smaak die verandert, over componisten die in de mode zijn en weer uit raken. Gershwin wordt door de serieuze muziekkritiek niet eens genoemd (Bernstein schrijft dit in 1973). Toch geldt hij voor L.B. als een van de zeldzame, werkelijk authentieke genieën, die de Amerikaanse muziek heeft voortgebracht. In die zin vergelijkt hij hem zelfs met Mozart.
Wij openen de avond met zijn Cuban Overture, die Gershwin in 1932 in Havana componeerde.
Kleurrijke en swingende muziek, waarin de goede luisteraar hits als Echale Salsita en La Paloma kan herkennen. Hier een versie uit de jaren 30 van de grote Paul Whiteman:
Daar was ook al sprake van in de aanloop naar de verkiezingen, en bij Radio 4 hadden ze toen het originele idee om collega Randy Max aan het woord te laten over de muziek uit zijn geboorteland. In vier afleveringen vertelt hij met enthousiasme en kennis van zaken over een ondergewaardeerd deel van het repertoire. David Diamond, Walter Piston, William Schuman, allemaal componisten die zelden genoemd worden, laat staan op onze lessenaars komen.
Ik kan zijn verhalen van harte aanbevelen!
En komende week kan de liefhebber van Amerikaanse muziek in de Doelen zijn hart weer ophalen met Copland, volgens Randy degene die de Amerikaanse klank heeft ontwikkeld, en natuurlijk Bernstein.
Zijn Symphonic Dances behoren inmiddels tot het bekende repertoire. Terecht, maar ik verheug me vooral op de muziek uit Candide. De ouverture, die we wel eens spelen, smaakt zeker naar meer.en met Wayne Marshall wordt het zeker een feest. Hem hebben we de laatste jaren niet vaak gezien, maar ik herinner me nog goed de swingende uitvoeringen van Wonderful Town, een broadway-musical uit de 50-er jaren.
In die rol wordt hij node gemist, maar heeft hij ons gelukkig ook nog veel te vertellen.
Wereldberoemd waren zijn Young People's Concerts met zijn New York Philharmonic.
Iedereen die tegenwoordig zich begeeft op het gebied van educatieve concerten zal daarmee vergeleken worden. En gelukkig zijn er nog tientallen afleveringen te zien op youtube.
Hoewel ze zeker een verouderde indruk maken, hoe kan het ook anders, is het de moeite waard om daar nog eens naar te kijken.
Zoals de opname van 1 februari 1958 over Amerikaanse muziek:
En: American music is wildly optimistic.
Wat wil je nog meer voor een nieuwjaarsconcert?
In de laatste tien minuten (het vierde fragment) zie je Aaron Copland zelfs nog als dirigent van zijn eigen symfonie.
Maar Bernstein heeft niet alleen met deze concerttoelichtingen de Amerikaanse jeugd bereikt.
In 1973 hield hij voor de studenten van het prestigieuze Harvard een reeks lezingen onder de titel The Unanswered Question. Het beluisteren hiervan, ook nog te vinden op internet, vergt iets meer van de aandacht van de luisteraar. Voor lezers - het is ook in boekvorm - met minder geduld is er nog een verzameling kortere essays uitgegeven, Findings.
Hierin komt ook Gershwin aan bod. Een verhaal over muzikale smaak die verandert, over componisten die in de mode zijn en weer uit raken. Gershwin wordt door de serieuze muziekkritiek niet eens genoemd (Bernstein schrijft dit in 1973). Toch geldt hij voor L.B. als een van de zeldzame, werkelijk authentieke genieën, die de Amerikaanse muziek heeft voortgebracht. In die zin vergelijkt hij hem zelfs met Mozart.
Wij openen de avond met zijn Cuban Overture, die Gershwin in 1932 in Havana componeerde.
Kleurrijke en swingende muziek, waarin de goede luisteraar hits als Echale Salsita en La Paloma kan herkennen. Hier een versie uit de jaren 30 van de grote Paul Whiteman:
vrijdag 30 december 2016
Eerbetoon
Het einde van het jaar is altijd een tijd van afscheid nemen.
En terugkijken naar de persoonlijkheden van wie we afscheid hebben moeten nemen.
2016 leverde een opvallend rijke oogst, zo hoor je overal.
Velen, sportliefhebbers en anderen, zullen meteen aan Johan Cruijff of Muhammad Ali denken.
Maar voor de muziekwereld was het ook een indrukwekkende Abschiedssymphonie.
David Bowie, Prince, Leonard Cohen, Toots Thielemans, deze week nog George Michael.
En om in de klassieke wereld te blijven: drie nestors zijn uit hun dirigentenleven gestapt: Nikolaus Harnoncourt, Pierre Boulez en Neville Marriner, respectievelijk 86, 91 en 92 jaar oud.
De laatste heb ik nooit aan het werk gezien, maar zijn platen waren ooit mijn ingang tot veel van de muziek die mij nu nog dierbaar is. The Academy of Saint-Martin in the Fields speelde telkens weer de sterren van de hemel. Eerst barokmuziek, maar later vooral het klassieke repertoire.
Mozart. Een prachtige doos met alle blazersconcerten, de pianoconcerten met Brendel. Ze stonden bij mijn ouders in de kast. Later verplaatste mijn belangstelling zich meer naar enerzijds historische, anderzijds historisch verantwoorde uitvoeringen. Toch heb ik ook weer genoten van de muziek bij Amadeus, de film, en ik begreep dat zijn laatste cd afgelopen jaar met de broers Jussen ook nog zeer de moeite waard is.
Pierre Boulez heb ik wel twee keer zien dirigeren.
Eigen werk in de Beurs van Berlage en Moses und Aron in het Muziektheater.
Beide keren dwong hij veel respect af, maar mijn hart wist hij niet te raken.
Dat zal zeker aan mij gelegen hebben.
Mogelijk ook aan hoe zijn dirigeren er uit zag.
Het zou niet mee moeten spelen, maar het oog wil misschien soms iets anders.
Voor de muziekwereld is hij uiteraard van enorm belang geweest, als componist, als dirigent, als auteur, als denker en als grondlegger van het IRCAM en het Ensemble Contemporaine.
Harnoncourt heeft van hen zonder meer de grootste invloed op me gehad.
Vanaf toen ik bij een van mijn studievrienden steeds weer zijn platen hoorde, Bach cantates, Monteverdi opera's, dat soort zaken. De Mattheus in het Concertgebouw, Mozarts Da Ponte-opera's en de Fledermaus in het Muziektheater en, nog niet zo lang geleden, een Missa Solemnis met de collega's van het KCO. Altijd boeiend, altijd intrigerend, ook in zijn geschreven teksten, hoewel ik hem niet altijd kon volgen. Zoals in zijn tempokeuzes voor Le nozze di Figaro.
Hij heeft nog een keer een productie bij het Philharmonisch gedirigeerd, Mahler en Schreker, aangevuld met een celloconcert van Haydn, waarin hij zelf ook de solopartij speelde. Misschien geen topdirigent, maar zeker een groot musicus en een sympathieke persoon.
Met stijlgevoel en een open geest.
Een van de werken die voor hem gecomponeerd zijn, is het inmiddels populaire en succesvolle Celloconcert van Gulda. Een concert met een grote knipoog.
Komende week klinkt het twee keer in de Doelen met het Deense talent Andreas Brantelid.
We zouden het kunnen beschouwen als eerbetoon aan Schiff:
En terugkijken naar de persoonlijkheden van wie we afscheid hebben moeten nemen.
2016 leverde een opvallend rijke oogst, zo hoor je overal.
Velen, sportliefhebbers en anderen, zullen meteen aan Johan Cruijff of Muhammad Ali denken.
Maar voor de muziekwereld was het ook een indrukwekkende Abschiedssymphonie.
David Bowie, Prince, Leonard Cohen, Toots Thielemans, deze week nog George Michael.
En om in de klassieke wereld te blijven: drie nestors zijn uit hun dirigentenleven gestapt: Nikolaus Harnoncourt, Pierre Boulez en Neville Marriner, respectievelijk 86, 91 en 92 jaar oud.
De laatste heb ik nooit aan het werk gezien, maar zijn platen waren ooit mijn ingang tot veel van de muziek die mij nu nog dierbaar is. The Academy of Saint-Martin in the Fields speelde telkens weer de sterren van de hemel. Eerst barokmuziek, maar later vooral het klassieke repertoire.
Mozart. Een prachtige doos met alle blazersconcerten, de pianoconcerten met Brendel. Ze stonden bij mijn ouders in de kast. Later verplaatste mijn belangstelling zich meer naar enerzijds historische, anderzijds historisch verantwoorde uitvoeringen. Toch heb ik ook weer genoten van de muziek bij Amadeus, de film, en ik begreep dat zijn laatste cd afgelopen jaar met de broers Jussen ook nog zeer de moeite waard is.
Pierre Boulez heb ik wel twee keer zien dirigeren.
Eigen werk in de Beurs van Berlage en Moses und Aron in het Muziektheater.
Beide keren dwong hij veel respect af, maar mijn hart wist hij niet te raken.
Dat zal zeker aan mij gelegen hebben.
Mogelijk ook aan hoe zijn dirigeren er uit zag.
Het zou niet mee moeten spelen, maar het oog wil misschien soms iets anders.
Voor de muziekwereld is hij uiteraard van enorm belang geweest, als componist, als dirigent, als auteur, als denker en als grondlegger van het IRCAM en het Ensemble Contemporaine.
Harnoncourt heeft van hen zonder meer de grootste invloed op me gehad.
Vanaf toen ik bij een van mijn studievrienden steeds weer zijn platen hoorde, Bach cantates, Monteverdi opera's, dat soort zaken. De Mattheus in het Concertgebouw, Mozarts Da Ponte-opera's en de Fledermaus in het Muziektheater en, nog niet zo lang geleden, een Missa Solemnis met de collega's van het KCO. Altijd boeiend, altijd intrigerend, ook in zijn geschreven teksten, hoewel ik hem niet altijd kon volgen. Zoals in zijn tempokeuzes voor Le nozze di Figaro.
Een andere cellist, want dat was hij ook, en belangrijke leraar, die ons in de laatste weken ontvallen is, veel te jong nog, is Heinrich Schiff.
De naam van Schiff zou ik in mijn cv kunnen zetten, want ik heb een keer les van hem gehad. Hij kwam tijdens mijn studiejaren naar ons conservatorium. Ik had me aangemeld met een suite van Reger, maar een paar dagen van tevoren hoorde ik dat hij daar niets voor voelde. Toen heb ik een Bach-suite opgehaald en dat werd een fantastische les. Maar daar is het bij gebleven.Hij heeft nog een keer een productie bij het Philharmonisch gedirigeerd, Mahler en Schreker, aangevuld met een celloconcert van Haydn, waarin hij zelf ook de solopartij speelde. Misschien geen topdirigent, maar zeker een groot musicus en een sympathieke persoon.
Met stijlgevoel en een open geest.
Een van de werken die voor hem gecomponeerd zijn, is het inmiddels populaire en succesvolle Celloconcert van Gulda. Een concert met een grote knipoog.
Komende week klinkt het twee keer in de Doelen met het Deense talent Andreas Brantelid.
We zouden het kunnen beschouwen als eerbetoon aan Schiff:
donderdag 8 december 2016
Vertrouwen
Ik weet niet wat het woord van het jaar 2016 gaat worden.
Trumpisme lijkt me nog het meest duurzaam van het lijstje.
Ik weet wel wat het woord van deze week was.
Vertrouwen.
Het was Jan Terlouw die er bij velen een snaar mee wist te raken.
Het touwtje door de brievenbus.
Vertrouwen in de politici, die er voor moeten zorgen dat ze het vertrouwen wekken.
Maar lijkt een issue als het klimaatprobleem niet veel te groot om aan de politiek toe te vertrouwen?
Het was mooi om te zien hoe vaardig zo iemand de boodschap over weet te brengen en heoveel reacties hij hiermee losmaakt.
Het gaat wel ergens over.
Vertrouwen was ook een woord dat herhaaldelijk klonk bij het concert vorige week van Domestica in de Laurenskerk. We hadden meer dan ooit de ruimte opgezocht en daarmee risico's genomen in het samenspel. Daarmee maken we het onszelf niet makkelijk, maar uit de reacties van het publiek bleek dat dat ook wat opleverde. Dan doe je dat graag. Maar op basis van het vertrouwen in je medespelers.
We hebben het er niet vaak over, maar vertrouwen is een belangrijke basisvoorwaarde voor muziekmaken.
Vertrouwen in elkaar en vertrouwen in de ander.
Vertrouwen in de dirigent.
Vertrouwen in je orkestcollega's.
Zo mochten we deze week ook weer het vertrouwen in een nieuwe collega uitspreken.
Er was voor de vacature van solo-cellist een auditie uitgeschreven en het is een van de gegadigden gelukt het vertrouwen van de meeste commissieleden te winnen.
Daarmee spreken we uit dat we verwachten dat hij de komende jaren goed zal presteren en past binnen de cultuur van ons orkest.
Dat kun je door middel van zo'n proefspel niet helemaal voorspellen, dus volgen er meestal na enkele maanden nog een of meer beoordelingen, maar zo'n keus hoeft gelukkig zelden worden bijgesteld.
Het was al weer een tijd geleden dat ik deel uit maakte van zo'n proefspelcommissie, maar ik vond het interessant om te merken waarop je zo iemand beoordeelt. Door welke criteria anderen, die over het algemeen ook zeer goed speelden, zijn afgevallen. Daarover later misschien nog een keer.
Wanneer onze nieuwe collega in het orkest te horen is, weet ik niet, maar zijn naam is Alberto Casadei, een nog jonge Italiaan. Voor de nieuwsgierigen is hij op youtube te bewonderen:
Of anders wat moderner en in het gezelschap van een charmante schone.
Wie deze week al wel in het orkest debuteert is onze nieuwe solo-altist Roman Spitzer.
Een mooi programma met Yannick, op vrijdag en zondag met het gloednieuwe pianoconcert van Abrahamsen, voor wie vertrouwen heeft in de hedendaagse muziek.
Voor de wat conservatievere luisteraars en de liefhebbers van spectaculaire Russische symfonieën is de zaterdagavond misschien beter. Dan legt Yannick uit waarom de Vierde van Sjostakovitsj zo'n uniek meesterwerk is voordat het stuk na de pauze wordt uitgevoerd.
Een aanrader
Trumpisme lijkt me nog het meest duurzaam van het lijstje.
Ik weet wel wat het woord van deze week was.
Vertrouwen.
Het was Jan Terlouw die er bij velen een snaar mee wist te raken.
Het touwtje door de brievenbus.
Vertrouwen in de politici, die er voor moeten zorgen dat ze het vertrouwen wekken.
Maar lijkt een issue als het klimaatprobleem niet veel te groot om aan de politiek toe te vertrouwen?
Het was mooi om te zien hoe vaardig zo iemand de boodschap over weet te brengen en heoveel reacties hij hiermee losmaakt.
Het gaat wel ergens over.
Vertrouwen was ook een woord dat herhaaldelijk klonk bij het concert vorige week van Domestica in de Laurenskerk. We hadden meer dan ooit de ruimte opgezocht en daarmee risico's genomen in het samenspel. Daarmee maken we het onszelf niet makkelijk, maar uit de reacties van het publiek bleek dat dat ook wat opleverde. Dan doe je dat graag. Maar op basis van het vertrouwen in je medespelers.
We hebben het er niet vaak over, maar vertrouwen is een belangrijke basisvoorwaarde voor muziekmaken.
Vertrouwen in elkaar en vertrouwen in de ander.
Vertrouwen in de dirigent.
Vertrouwen in je orkestcollega's.
Zo mochten we deze week ook weer het vertrouwen in een nieuwe collega uitspreken.
Er was voor de vacature van solo-cellist een auditie uitgeschreven en het is een van de gegadigden gelukt het vertrouwen van de meeste commissieleden te winnen.
Daarmee spreken we uit dat we verwachten dat hij de komende jaren goed zal presteren en past binnen de cultuur van ons orkest.
Dat kun je door middel van zo'n proefspel niet helemaal voorspellen, dus volgen er meestal na enkele maanden nog een of meer beoordelingen, maar zo'n keus hoeft gelukkig zelden worden bijgesteld.
Het was al weer een tijd geleden dat ik deel uit maakte van zo'n proefspelcommissie, maar ik vond het interessant om te merken waarop je zo iemand beoordeelt. Door welke criteria anderen, die over het algemeen ook zeer goed speelden, zijn afgevallen. Daarover later misschien nog een keer.
Wanneer onze nieuwe collega in het orkest te horen is, weet ik niet, maar zijn naam is Alberto Casadei, een nog jonge Italiaan. Voor de nieuwsgierigen is hij op youtube te bewonderen:
Wie deze week al wel in het orkest debuteert is onze nieuwe solo-altist Roman Spitzer.
Een mooi programma met Yannick, op vrijdag en zondag met het gloednieuwe pianoconcert van Abrahamsen, voor wie vertrouwen heeft in de hedendaagse muziek.
Voor de wat conservatievere luisteraars en de liefhebbers van spectaculaire Russische symfonieën is de zaterdagavond misschien beter. Dan legt Yannick uit waarom de Vierde van Sjostakovitsj zo'n uniek meesterwerk is voordat het stuk na de pauze wordt uitgevoerd.
Een aanrader
donderdag 17 november 2016
Monument
Ik had, tot vorig jaar, nog nooit van de zaal gehoord.
Bataclan.
Inmiddels kent iedereen de naam.
Een concertzaal met een beladen verleden.
En hopelijk een gezegende toekomst.
Ik weet niet of er iets blijft hangen van zo'n dramatische gebeurtenis, iets dat mensen kunnen voelen, maar voorlopig zal de herinnering en de gedenksteen op de gevel voldoende zijn voor een moment van introspectie.
De zaal in Parijs, waar wij regelmatig spelen, heeft ook een beladen verleden, maar dan van een hele andere orde. Zonder slachtoffers, of het zou een enkele blauwe plek moeten zijn.
En met een positieve uitkomst.
Een van de grootste schandalen uit de muziekgeschiedenis, en tegelijk ook balletgeschiedenis, vond hier in 1913, aan de Avenue Montaigne, plaats.
De premiere van de Sacre du printemps in het Théâtre des Champs-Élysées.
De politie moest er aan te pas komen.
Ik weet niet of er arrestaties zijn verricht, maar voor de reputatie van Stravinsky, Nijinsky en Diaghilev zou het uiteindelijk alleen maar goed uitpakken.
Over de aanleiding van de rellen doen verschillende verhalen de ronde: was het de muziek of toch vooral de dans of hadden tegenstanders op voorhand al een reden om de boel op stelten te zetten?
Als je leest dat voorafgaand aan het ballet van Stravinsky muziek van Chopin klonk, in het ballet Les Sylphides, kan ik me een schok bij onvoorbereide toeschouwers wel voorstellen.
En ook zonder dat tijdsbeeld, zonder de dans, blijft de partituur ongelooflijk energiek, verrassend en revolutionair. Een uitgelezen stuk voor onze serie Core Classics deze week.
Ik weet eigenlijk niet of er een gedenksteen in het Théâtre des Champs-Élysées hangt.
Ik weet ook niet of er nog iets van die tijd in zo'n gebouw te ervaren is.
Ik denk wel dat het af en toe goed is om te beseffen dat het een historische plek is waar we spelen. Waar we vorige maand de Eerste symfonie van Mahler lieten horen en in maart weer terugkeren met de Symfonische Dansen van Rachmaninov.
Deze week laten we nog een ander muzikaal monument horen.
Een monument dat componist voor zijn vrouw heeft opgericht.
Peter Lieberson was getrouwd met zangeres Lorraine Hunt, een prachtige mezzo-sopraan.
Ze werd ernstig ziek, maar trad nog op in de wetenschap dat ze niet lang meer te leven had.
In die moeilijke tijd componeerde hij voor haar een liederencyclus op gedichten van Pablo Neruda.
Ze heeft ze nog kunnen zingen, maar inmiddels, tien jaar na haar dood, klinken ze als eerbetoon aan haar en haar kunst.
Ongelooflijk prachtige liederen die voorbestemd lijken om tot de klassieken van de 21e eeuw te worden gerekend. Een must voor iedereen die van vocale muziek houdt en een must voor de fans van Christianne Stotijn.
Vrijdag en zondag in de Doelen.
Bataclan.
Inmiddels kent iedereen de naam.
Een concertzaal met een beladen verleden.
En hopelijk een gezegende toekomst.
Ik weet niet of er iets blijft hangen van zo'n dramatische gebeurtenis, iets dat mensen kunnen voelen, maar voorlopig zal de herinnering en de gedenksteen op de gevel voldoende zijn voor een moment van introspectie.
De zaal in Parijs, waar wij regelmatig spelen, heeft ook een beladen verleden, maar dan van een hele andere orde. Zonder slachtoffers, of het zou een enkele blauwe plek moeten zijn.
En met een positieve uitkomst.
Een van de grootste schandalen uit de muziekgeschiedenis, en tegelijk ook balletgeschiedenis, vond hier in 1913, aan de Avenue Montaigne, plaats.
De premiere van de Sacre du printemps in het Théâtre des Champs-Élysées.
De politie moest er aan te pas komen.
Ik weet niet of er arrestaties zijn verricht, maar voor de reputatie van Stravinsky, Nijinsky en Diaghilev zou het uiteindelijk alleen maar goed uitpakken.
Als je leest dat voorafgaand aan het ballet van Stravinsky muziek van Chopin klonk, in het ballet Les Sylphides, kan ik me een schok bij onvoorbereide toeschouwers wel voorstellen.
En ook zonder dat tijdsbeeld, zonder de dans, blijft de partituur ongelooflijk energiek, verrassend en revolutionair. Een uitgelezen stuk voor onze serie Core Classics deze week.
Ik weet eigenlijk niet of er een gedenksteen in het Théâtre des Champs-Élysées hangt.
Ik weet ook niet of er nog iets van die tijd in zo'n gebouw te ervaren is.
Ik denk wel dat het af en toe goed is om te beseffen dat het een historische plek is waar we spelen. Waar we vorige maand de Eerste symfonie van Mahler lieten horen en in maart weer terugkeren met de Symfonische Dansen van Rachmaninov.
Deze week laten we nog een ander muzikaal monument horen.
Een monument dat componist voor zijn vrouw heeft opgericht.
Peter Lieberson was getrouwd met zangeres Lorraine Hunt, een prachtige mezzo-sopraan.
Ze werd ernstig ziek, maar trad nog op in de wetenschap dat ze niet lang meer te leven had.
In die moeilijke tijd componeerde hij voor haar een liederencyclus op gedichten van Pablo Neruda.
Ze heeft ze nog kunnen zingen, maar inmiddels, tien jaar na haar dood, klinken ze als eerbetoon aan haar en haar kunst.
Ongelooflijk prachtige liederen die voorbestemd lijken om tot de klassieken van de 21e eeuw te worden gerekend. Een must voor iedereen die van vocale muziek houdt en een must voor de fans van Christianne Stotijn.
Vrijdag en zondag in de Doelen.
Abonneren op:
Posts (Atom)



















