maandag 24 februari 2020

Project YMS 10

Het rondje is gemaakt.
In Rotterdam begonnen, in Rotterdam geëindigd.
Tussendoor langs onze vaste haltes Parijs en Dortmund.
Met Essen hebben we nog een wat minder vaste verbinding, maar het was fijn weer in die zaal te spelen. En een prettig hotel aan de zaal vast. Je hoeft niet eens naar buiten om er te komen.
En Baden Baden is nog heel recent.
Yannick heeft er al jarenlang een vaste stek.
Zijn hele Mozart-cyclus met CEO voor DGG is daar uitgevoerd en opgenomen.
Maar wij als orkest debuteerden er pas vorig seizoen, met Lahav.
Gelukkig staan er al weer verschillende afspraken voor de toekomst en hebben we met onze Mahler een positieve indruk achtergelaten.
Maar het pièce de résistance was natuurlijk toch de opera.
Een gigantisch werk in meerdere opzichten.
En ik denk dat we de reeks hebben kunnen afsluiten met een aangrijpende uitvoering voor eigen publiek in de Doelen. Ook hier weer meer dingen die op hun plaats vallen, die je herkent en waar je op kunt reageren. Ik had nog wel meer uitvoeringen willen hebben, maar in zekere zin was het ook goed zo.
Een week in een snelkookpan.
Und dafür wird man noch bezahlt!
Als er wat meer afstand is in tijd, ga ik nog wel een keer terugblikken.
Op wat we hebben meegemaakt.
En wat het heeft opgeleverd.
Om de serie goed af te sluiten.
Nu bevinden we ons nog in de 'Trunkenheit der ersten Stunde'.
Wat me wel in het bijzonder opviel bij deze laatste keer was de geniale manier waarop Strauss zijn overgangen maakt. En dat zijn er nogal wat!
Daarbij ook zijn ongelooflijk talent om met een orkest te kleuren. Niet alleen in schoonheid maar vaak ook heel rauw en onaangenaam.
En de lol die wij als orkest hebben om zijn idioom te spelen.
Zou dat nog uit de tijd van Edo de Waart komen?
Zijn wij misschien meer een Strauss- dan een Mahler-orkest?
Vragen die bij me opkomen maar nog even moeten wachten.
Eerst nog even schaamteloos genieten van het vele moois dat we hebben mogen horen en laten horen.
Klein stukje Michael Volle als herinnering.
Wagner, geen Strauss.
Een echte Meistersinger!: 

 

vrijdag 21 februari 2020

Project YMS 9

Het zou interessant zijn om te weten hoeveel mensen er in Parijs bij de Mahler in de zaal zaten die de Strauss ook gehoord hadden.
Yannick vroeg er nog wel naar, na afloop, toen ze ons niet weg wilden laten gaan.
Hij maakte de indruk een toegift te gaan kondigen maar bedankte ons al jarenlang trouwe publiek en degenen die de Strauss hadden gehoord konden de Mahler als toegift beschouwen.
Als grap, uiteraard.
Maar het enthousiasme leek deze tweede avond nauwelijks minder dan de avond ervoor.
Later hoorde ik dat onze zangsolisten ook in het publiek zaten.
Dat geeft dan wel weer een groepsgevoel, een idee dat je het allemaal gezamenlijk doet.
Iets wat vooral bij theaterproducties hoort die doorgaans wat langer lopen.
Het creëren van die ervaring is zeker een van Yannicks sterke punten.
Voor Mahler waren de omstandigheden in een aantal opzichten zeker niet makkelijker dan in Rotterdam, vooral door de grote afstand tussen de voor en de achterkant, tussen de strijkers en de blazers. De akoestiek is wat droger waardoor je sommige dingen beter hoort, maar afstand heeft ook invloed op de timing. Het geluid komt dan gewoon later aan.
Toch had ik hier wel een beter gevoel over dan over zondag.
Tempi en overgangen gaan zich settelen.
En hoe beter we elkaar kunnen vinden hoe meer we ook een soort vrijheid op kunnen zoeken.
Dat geldt dan misschien minder voor de finale van de symfonie, waar het met al dat contrapunt gewoon gelijk moet zijn, maar zeker wel in het scherzo. Daar moeten vrolijkheid en het Oostenrijkse dansante karakter de overhand hebben, volksmuziek, met hier en daar een moment van bezinning in de hoorns.
Vrijheid bleek, voor mij onverwacht, ook een belangrijk thema in de grote Da Vinci tentoonstelling van het Louvre, Tussen de mensenmassa's was het best lastig om je vrij te voelen, maar ik mocht me gelukkig prijzen dat ik tijdig een kaartje had weten te bemachtigen. En ik was diep onder de indruk van wat ik daar zag aan studies, ontwerpen, voorbereidingen, en tenslotte het voltooide, of soms ook onvoltooide resultaat.
Dat is ook wel een van de voordelen van zo'n vaste relatie met de zaal in Parijs. Als het schema het toelaat bezoek ik graag een van de talloze musea.
Deze keer was er ook tijd voor Ossip Zadkine en zijn atelier vlak bij het Jardin de Luxembourg.
Het is redelijk bescheiden maar je kunt je voorstellen hoe hij daar gewerkt heeft.
En er staat een versie van 'onze' De verwoeste stad.
Het moest vind ik het om te zien hoe hij uit zijn materiaal haalt wat er eigenlijk al in zit en hoe hij daarin met vrijheid en spontaniteit omgaat.

woensdag 19 februari 2020

Project YMS 8

Je zegt weleens dat het dak eraf gaat, of dat het publiek helemaal uit zijn dak gaat; FroSch in Parijs was wel zo'n avond.
Natuurlijk, het is een theater. En misschien was het ook wel theaterpubliek.
Bij opera is nu eenmaal meer reden om te klappen.
Voor de ontknoping en het einde van vaak een lange voorstelling.
Voor alle solisten die een voor een opkomen en die individueel bijzonder kunnen aanspreken.
Voor de dirigent die het geheel maar weer mooi bij elkaar gehouden heeft.
En tenslotte voor het orkest in de bak.
Maar wij zaten natuurlijk niet in de bak maar in het zicht van het publiek.
En Yannick ging vele individuele musici af om te bedanken.
Welgemeend, daarover geen enkele twijfel.
Maar dan moet je als publiek ook wat langer door klappen.
En toch voelde het alsof we met zijn allen echt wel iets bijzonders naar Parijs hadden gebracht.
Daarvoor mocht het dak er best even af.
En het voelt ook als een beetje ons 'eigen' publiek.
Een publiek waar we nu na twaalf (?) wel een speciale relatie mee hebben opgebouwd.
Een publiek wat ook nu weer vol aandacht luisterde.
Ik weet niet hoe velen de tekst kenden maar blijkbaar was er boventiteling in Frans en Engels.
Tenslotte is de tekst wel een belangrijk onderdeel van deze opera.
Als leesvoer voor onderweg had ik de briefwisseling tussen Richard Strauss en Hugo von Hoffmannsthal meegenomen en dat is heerlijke lectuur.
Ik had er jaren geleden al uitgebreid in gelezen toen we met Rattle met Der Rosenkavalier bezig waren, maar de uitwisseling van ideeën over Die Frau ohne Schatten gaat pas spreken als je een beetje weet waar het over gaat. Daar is nu het moment voor.
En hoe fascinerend is het dan om dat creatieve proces, voor zover ze elkaar daarover schreven, zo op de voet te kunnen volgen. Het biedt overigens ook een mooi tijdsbeeld. Bijvoorbeeld als Strauss Hoffmannsthal uitnodigt voor een gezamenlijke autorit naar Italië, zodat ze alle tijd hebben met elkaar te overleggen. Hij adviseert, het is 1913, voor het passeren van de Brennerpas wel extra warme kleding mee te nemen!

Maar het verduidelijkt vooral het een en ander over de essentie van opera in het algemeen en deze in het bijzonder. Zoals de libettist bijvoorbeeld over de persoon van de keizerin schrijft, die volgens hem uit drie delen bestaat, dier, mens en geest. De beide uiterste komen in het begin tot hun recht maar in het midden zit nog een gat:
In der Mitte klafft die Lücke, das Menschliche fehlt: dieses zu gewinnen, ist der Sinn des ganzen Stückes - so auch in der Musik: erst im dritten Akt wird die Stimme der Kaiserin ihren vollen menschlichen Klang annehmen ....'
Ook tijdens het spelen wordt de tekst voor ons meer en meer aanwezig.
Bepaalde woorden die zich vaak herhalen of een belangrijke rol spelen in het verhaal.
Zoals Stein, Talisman, Schatten, Liebe. Een paar van de belangrijke teksten worden zelfs gesproken, als melodrama, zoals 'Ich will nicht!' .
En van die mooie formuleringen: Beute aller Beuten.
Of de geduldige Barak over zijn vrouw: Aus einem jungen Mund gehen harte Worte und trotzige Reden, aber sie sind gesegnet mit dem Segen der Widerruflichkeit.
Als je van de Duitse taal houdt valt er veel te genieten.
Zelfs als je druk bent met het spelen van alle noten.




zondag 16 februari 2020

Project YMS 7

Zondagmiddag is het eerste concert.
Mahler 5 in de Doelen.
Medici tv is erbij, zodat het ook buiten de uitverkochte zaal rechtstreeks te volgen is.
Nu zal moeten blijken hoever we zijn na deze week van intensieve voorbereidingen.
Het welkomstapplaus van het publiek is warm en erg enthousiast.
De oude chef wordt weer even door zijn trouwe publiek in de armen gesloten.
Na de vrije zaterdag voelt het wel anders om elkaar weer op het podium te treffen.
Ik weet niet hoeveel collega's uitgerust zijn, er zal nog menig uur in de studeerkamer zijn doorgebracht, maar we zullen nu in een andere versnelling moeten.
Van concert naar concert.
En dan is het mooi om met een thuiswedstrijd te beginnen.
Zo voelde het wel een beetje: de strijd aangaan met steun van je eigen publiek.
In dat geval hebben we die zeker gewonnen, met dank aan Mahler.
De symfonie eindigt tenslotte na enkele treurmarsen met een triomfantelijk koraal in een stralend D majeur.
Eigenlijk merkwaardig dat cis mineur altijd als hoofdtoonsoort van de symfonie wordt aangemerkt.
Die toonsoort overheerst weliswaar in het sombere openingsdeel, maar zowel het grote scherzo als de lange finale staan voor een groot deel in D majeur. En zelfs in het tweede deel is al even een glimp van dat slotkoraal op te vangen.
Hoe goed de uitvoering was is vanaf het podium moeilijk in te schatten.
Misschien ga ik hem nog weleens terugkijken.
Maar het kan heel goed dat er de komende dagen nog interessantere alternatieve versies langskomen, in Parijs, Essen of Baden Baden, maar die worden niet opgenomen.
Het voelde wel heel goed overigens, met iedereen op het puntje van zijn stoel en met mooie soli van de verschillende collega's. Yannick creëerde een mooie sfeer, nam risico's en zocht af en toe echt de stilte op.
Maar ik weet ook zeker dat dit weer een startpunt was voor een reis die we gezamenlijk gaan maken en waarbij weer andere aspecten van deze Vijfde belicht zullen worden.
Net zoals we dat met de Frau ohne Schatten gaan doen.
En daarvan krijgt Rotterdam dan wel de laatste en mogelijk ook beste versie.
Morgenochtend stappen we in de trein naar Parijs.
De spoorwegen zijn vandaag niet helemaal betrouwbaar gebleken, want velen misten de voorrepetitie en enkele strijkers haalden door problemen op het spoor zelfs het concert niet.
Maar als storm Dennis zich rustig houdt en er in Frankrijk geen stakingen zijn komen we vroeg in de middag op Gare du Nord aan en spoeden wij ons tijdig naar de Avenue Montaigne om ons klaar te maken voor Frosch. De ruimte zal uitgeprobeerd moeten worden, alle zangers en instrumentalisten die vanaf afwijkende locaties te horen moeten zijn, het kinderkoor is van daar dus nieuw.
Veel tijd zal er niet overblijven om onze lastige overgangen te repeteren.
Maar we zitten nu in de flow die we nog een week vol moeten houden.
Ik verheug op wat dat brengen zal.

zaterdag 15 februari 2020

Project YMS 6

En op vrijdag hadden we dan de laatste voorbereidingsdag van Project YMS.
De generale repetitie van Frau ohne Schatten.
Iedereen is aanwezig.
Nog niet helemaal op tijd.
Als het orkest begint te stemmen zoeken koorleden al babbelend nog hun plek op.
Dat zal de volgende keer, om tijd te besparen, anders moeten gaan.
Ook het begin van de repetitie is nog wat stroef.
Er gaan wat inzetten fout. Yannick slaat af om opnieuw te beginnen.
Er hangt een spanning in de lucht die nog niet helemaal positief werkt.
Maar het is dan ook de dag dat moet blijken dat alle puzzelstukjes in elkaar vallen.
Dat iedereen weet wat ie moet doen.
En dat dan ook doet.
De repetitie is in drieën verdeeld.
Steeds een doorloop van een acte en daarna de mogelijkheid tot correcties.
De meeste correcties, ook voor de rest van de opera, komen overigens na de laatste acte.
Assistent dirigent Patrick Furrer, luisterend vanuit de zaal, heeft een lijstje samengesteld voor Yannick. Zo'n man, met een grote ervaring met dit werk aan de Met, is essentieel in dit proces.
Voor Mahler hebben we overigens onze eigen Adam Hickox.
Toen we eenmaal in de eerste acte op stoom waren ging er eigenlijk weinig meer echt mis.
Een gemiste inzet van een van de bühne-orkesten, die niet goed waren geïnformeerd over de coupures, een enkel misverstand over de slag van Yannick, een paar balansproblemen, waarbij ff veranderd wordt in pp.
De sfeer is relaxed, vooral ook onder de zangers, die met de dirigent aan het dollen zijn.
Dat past bij het werk in de opera, maar daar zit je als orkest meestal niet zo bij.
De volgende keer dat we elkaar in deze samenstelling treffen is maandag in het Théâtre des Champs Elysées, waar we de première gaan doen. Dat moet voor het eerst in de geschiedenis van ons orkest zijn, een première van een productie in Parijs.
La femme sans ombre.
Op basis van wat we tijdens de repetities hebben gedaan zit in de laatste acte zeker een van de hoogtepunten, wanneer de Kaiserin zich tot haar vader Keikobad richt en toestemming vraagt om tussen de mensen te gaan leven. 'Mich hinzugeben, hab' ich gelernt'. Niet alleen vanwege die prachtige stem van Elza van den Heever, maar misschien meer nog die hemelse vioolsolo die Marieke Blankestijn daar neerlegt en dan later ook nog zo'n ontroerende hoornsolo van David Fernandez Alonso. De Vier letzte Lieder, maar dan in operagedaante.





vrijdag 14 februari 2020

Project YMS 5

Drie dagen Strauss, drie actes ingestudeerd: tijd voor Mahler.
Anders wordt het geen project YMS
En dat is dan best een merkwaardige ervaring.
Niet dat we nooit een symfonie van Mahler spelen. 
Maar zo in een week dat je ondergedompeld bent in een Strauss-opera lijken de dimensies ineens veranderd. Dan wordt die Vijfde gewoon een symfonie, zonder zang, zonder actes.
Vijf delen, of eigenlijk drie Abteilungen.
Toch ook weer een verdeling in drieën.
Het lijkt niet alleen minder groots, het lijkt ook overzichtelijker.
Bekend terrein na de ontdekkingsreis in Frosch.
Niet makkelijker, overigens.'
Die Vijfde is een van de moeilijkste van de tien en je moet ongelooflijk attent blijven om alle aanwijzingen in dynamiek, in tempo, in alles, op de voet te volgen.
Het wordt bijna kamermuziek.
Kamermuziek met Yannick, die we inmiddels goed kennen in Mahler.
Een Mahler die zich enorm ontwikkeld heeft met de Tiende en de Achtste wat mij betreft als hoogtepunten.
Blijkbaar hebben we deze Vijfde ook al eens met hem gedaan, maar dat moet in de begintijd geweest zijn. En dan is er alle reden om nu een nieuwe versie neer te zetten.
De Vijfde is voor velen de symfonie van het Adagietto.
Dat is eigenlijk maar een kort deel. Nauwelijks meer dan een overgang tussen het Scherzo en de Finale.
Alleen de strijkers en een harp zijn aan het woord.
Een lied van een onaardse schoonheid, wellicht een liefdeslied voor zijn Alma, de vrouw die hij toen in korte tijd tot een huwelijk wist te verleiden.
Misschien ook wel het deel waar Mahler het meest beroemd is geworden.
Als filmmuziek voor Visconti's Morte a Venezia.
Ik sluit niet uit dat de sfeer die de muziek in de film oproept andersom ook weer dirigenten beïnvloed heeft diezelfde sfeer in de muziek te zoeken en het tempo tot het oneindige te rekken.
Dat is niets voor Yannick.
Die zoekt naar eenvoud in expressie en een doorgaande beweging.
Zoals tijdgenoot en vriend Willem Mengelberg dat destijds ook deed.
Ik weet niet of Richard Strauss, ook een vermaard dirigent, deze Mahler ooit gedirigeerd heeft.
Hij heeft wel geluisterd toen de muziek in maart 1905 in Berlijn gespeeld werd.
Hij schrijft aan Mahler:
Ihre 5. Symphonie hat mir neulich in der Generalprobe wieder grosse Freude bereitet, die mir nur durch das kleine Adagietto etwas getrübt wurde. Dass dasselbe beim Publikum am Meisten gefallen hat, geschieht Ihnen dafür auch ganz recht.
Die beiden ersten Sätze besonders sind sehr grossartig; das geniale Scherzo wirkte nur etwas zu lang; wie viel da die etwas ungenügende Ausführung Schuld trägt, entzog sich meiner Beurteilung. Ihr Werk hatte in der Generalprobe einen ungetrübt grossen Erfolg....
Strauss heeft het dus niet zo op dat beroemde Adagietto.
Het geniale scherzo, zoals hij het noemt, heeft als centraal middendeel zeker een dominantere functie binnen de symfonie. En het heeft een bijzondere rol voor een van de hoorns, als corno obligato.
Een virtuoze solopartij, waarvoor hoornisten nog weleens voor het orkest worden gezet.
Dat gebeurt bij ons niet, maar onze nieuwe solohoorniste Cristiana Neves krijgt volop de gelegenheid het publiek in Rotterdam, Parijs, Essen en Baden Baden te laten horen wat ze waard is.
En als ze volhoudt wat ze tijdens deze repetities heeft laten horen kunnen we daar zeker mee pronken.
Dat geldt overigens ook voor trompettist Giuliano Sommerhalder die prachtige soli laat horen, zoals dat levensgevaarlijke begin van de symfonie.
Komende zondag meteen voor een uitverkochte Doelenzaal en rechtstreeks op Medici tv.
Ik ben benieuwd hoe het stuk zich de komende week gaat ontwikkelen en ook hoe de wisselwerking tussen beide componisten en idiomen gaat worden.
De laatste jaren is Mahlers muziek voor mijn gevoel meer aanwezig geweest in onze programmering
dan die van Strauss, maar zit die misschien niet meer in onze genen?


Project YMS 4

En dan is voor project YMS alweer de derde dag aangebroken.
Als er nu nog geen schaduw is gaat de keizer verstenen, aldus de vloek van Keikobad.
Hij heeft zijn twaalfde bode gestuurd om de keizerin er aan te herinneren.
Het is een van die dreigende leitmotieven waar Frosch vol mee zit.
Nog dominanter is het motief van Keikobad.
Daar begint de opera mee en duikt voortdurend weer op in de lage stemmen van het orkest. Bij ons dus ook.
Keikobad speelt geen rol in het verhaal maar is toch voortdurende als machtige schaduw aanwezig.
Vergelijkbaar met Agamemnon in Elektra, ook Richard Strauss. Een motief van vier noten, waarop zijn dochter Elektra later herhaaldelijk zijn naam zingt, opent de opera. Hij is vermoord, dus kan geen rol meer spelen. Maar het wreken van die moord is de motor van het verhaal.
De naam van Keikobad heeft maar drie noten nodig. Ook hij is de vader van de titelrol maar is afwezig omdat hij in een andere wereld leeft. Een geestenwereld waar de keizerin, zijn dochter, waarschijnlijk weer naar moet terugkeren omdat ze gefaald heeft. Ze was de talisman ook verloren 'in der Trunkenheit der ersten Stunde'....


Tijdens zo'n repetitieproces ga je die leitmotieven steeds meer herkennen, en ermee spelen als je weet wat er in het verhaal gebeurt. Die motieven kleuren de woorden en de handelingen van de zangers en spelen ook een grote rol bij de Verwandlungsmusik, de instrumentale overgangen, waar we lekker even voluit kunnen.
Hoe Strauss in zo'n motief karakter weergeeft van een persoon, dier, voorwerp of gemoedstoestand is echt meesterlijk.
Keikobad is groots, machtig, onwrikbaar als steen.
De Amme, de vroedvrouw, heeft een heel ongemakkelijk, eigenlijk vervelend ritme, en ook melodisch is het niet lekker. Zoals ze is, een slecht karakter. En je herkent het meteen. Terwijl de keizerin op een vluchtige manier de hoogte in gaat, vaak als vioolsolo, met logische intervallen.
Eigenlijk heeft ze geen idee waar ze mee bezig is, tot halverwege het verhaal.
Maar er zijn ook prachtige meeslepende liefdesthema's waarin je als strijkorkest heerlijk kunt zingen en schmieren.
Alles zit er in, zo zei Yannick, en hij heeft natuurlijk gelijk.
Deze dag kregen we de koren erbij, die niet een groot maar wel belangrijk aandeel hebben in het geheel. Het deed me wel weer een beetje terugdenken aan onze Achtste Mahler, nog niet zo heel lang geleden een van de hoogtepunten met Yannick. Toen waren de koren wel een veel dominanter factor. Er is nu ook weer een kinderkoor, wat zelfs gemaand moest worden iets zachter te zingen! Yannick legde uit wat voor rol ze moesten zingen als ze bij Barak om eten gingen bedelen. Als een hond die zin in iets lekkers heeft.

De knappe jongeling die als attractie aan de verversvrouw wordt aangeboden kwam even zijn ding doen, vanuit de zaal versterkt door een trompet. Het blijft een merkwaardig verhaal.
Vanuit een loge in de zaal zingt de valk, die ook een motief toebedeeld heeft gekregen, dat je nooit meer vergeet als je het eenmaal gehoord hebt. Een aanhoudend ritme, met voorslagen hard en hoog in de houtblazers gespeeld, hobo's, es-klarinet, die hoek.
Achter op het podium staat een breed spectrum aan slagwerkinstrumenten opgesteld, zoals de donder- en de windmachine.
Vooraan, achter de eerste violen, bevinden zich twee celesta's - waar vind je dat? - en helemaal aan de rand een glasharmonica, wat volstrekt uniek is. Met waterbakjes om de vingers schoon te houden.
 Alles zit er in.

Van een schaduw hebben we niets meer gemerkt. Meer van de 'dronkenschap van het eerste uur'.
We zitten inmiddels met zijn allen echt in een flow waar nog weleens hele mooie dingen uit zouden kunnen komen.
Misschien al maandag in Parijs.